Zalig smeuïge chocoladecake

Chocoladeliefhebbers verenigt u! Hier is de meest “chocoladige” chocoladecake ever. Zo lekker, zo smeuïg, zo fluwelig, zo alles vergetend… Als je hiervan proeft, dan verdwijnen alle zorgen voor op z’n minst een kwartiertje, misschien zelfs langer. Mensen die het Pascale Naessens dieet volgen kunnen hier perfect van genieten! Goed hé! Kom, oven aan op 160°!

 

Wat heb je nodig voor een taartje van 20 cm? 

  • 200 g gitzwarte chocolade (minstens 65 %)*
  • 100 g echte boter
  • 100 ml volle room
  • 4 eieren (large)
  • 4 el (afgestreken) sukrin of stevia (desnoods suiker – gaat prima)
  • 1 snuf zout
  • 300 g diepvriesvruchten
  • 1 citroen
  • cacaopoeder om te bestuiven

Breek de chocolade in stukken, en snijd de boter in blokjes. Doe alles in een steelpannetje en zet op het aller aller aller zachtste vuur. Laat rustig smelten en roer maar heel af en toe. Als alles gesmolten is, haal van het vuur.

Splits de eieren. Doe een snuf zout bij het eiwit en klop mooi stijf.

Roer de room en de sukrin of stevia onder de chocolade en doe er een voor een de eierdooiers bij. Het kan zijn dat de mengeling wat gaat schiften, maar dat kan geen kwaad.

Vouw er voorzichtig het eiwit onder.

Vet een springvorm van 20 cm in en stort hierin het deeg.

Bak 45° tot de cake stevig maar in het midden nog een ietsje wobbelig is. Laat afkoelen (de taart zakt in, da’s normaal). Bestrooi de koude taart met wat cacaopoeder.

Doe de diepvriesbessen in een steelpannetje samen met het sap van 1 citroen. Warm op en roer tot een saus.

Serveer met een puntje taart.

Hmmmmmm!

 

 

Volgend gerechtje: een snelle kip tajine.

*heb je liever melkchocolade? Doe dan echt geen moeite en zoek een ander recept. Serieus. 😉

Zomers herfstslaatje met kruidige pompoen

Echt veel werk is er niet aan, aan dit slaatje, maar je moet er wel efkes tijd voor uittrekken. Ik wil maar zeggen, het is geen “ik trek een pakje sla open en ik kan eten” slaatje. Maar kom, ’t is de moeite waard om je oven ervoor aan te zetten. Wat zeg ik? Weer de oven aan? Helaas wel ja, maar zolang de oven werkt, moet jij dat niet doen.

Ah ja, nog iets, op de foto heb ik gemalen specerijen gebruikt, da’s bij tweede test toch minder lekker dan met hele zaadjes.

Kom zet ‘m al aan op 180°!

Wat heb je nodig voor 2 slaatjes? 

  • 600 g pompoenblokjes
  • 1 el korianderzaadjes
  • 1 el komijnzaadjes
  • Muskaatnoot, peper en zout
  • Olijfolie voor de pompoen
  • 1 à 2 pakjes feta (hangt af of je het als voor- of hoofdgerecht maakt)
  • 3 el pompoenpitjes
  • 100 ml olijfolie voor de vinaigrette
  • 1 citroen (sap)
  • 1 tl mosterd
  • 1 pakje ruccola of postelein of misschien zelfs waterkers (maar dan 2)

Doe de zaadjes in een vijzel en stamp ze kapot.

Neem een vuurvaste schotel en doe hierin de pompoenblokjes, besprenkel rijkelijk met olijfolie en breng op smaak met de zaadjes, peper, zout en muskaatnoot (ongeveer 1/2 tl). Zet 35-40 minuten in de oven of tot de pompoen zacht is. Laat afkoelen tot koud of lauwwarm.

Maak ondertussen de vinaigrette. Doe het sap en de mosterd in een schaaltje en  giet met een straaltje de olijfolie erbij terwijl je klopt. Breng op smaak met peper en zout.

Doe de pompoenzaadjes in een droog pannetje en rooster ze op het vuur tot ze beginnen te kleuren.

Verdeel de sla over de borden, verkruimel er de feta over, doe er de pompoen bij en de pompoenzaadjes en werk af met de vinaigrette. Kruid de sla nog eens met peper en zout.

Smakelijk!

 

 

 

 

De smeuïgste peer-amandel-chocolade cake ever!

Jaaaaaa…. dat was me nogal een weekje. Mijn vaste blogwoensdag gemist omdat ik per sé kokendhete soep over mij wou gieten. Verrek dat deed pijn. Maar gelukkig heb ik een goeie huid en herstel ik heel snel (ook dankzij het koude water achteraf, flamigel en hydrogel).

Fin soit, het heeft er wel voor gezorgd dat ik eigenlijk niet zoveel tijd had om na te denken over het volgende blogrecept voor de zoete zondag. Maar ik had nog wat peren, chocolade heb ik altijd in huis (allez de zwarte) en amandelen ook. Dus ja. ’t Is dus een cake geworden van die drie ingrediënten (en nog wat meer natuurlijk). Wat denk je? Gaan we eraan beginnen? Schort aan en de oven ook op 180°!

Wat heb je nodig? 

  • 100 g amandelmeel
  • 150 g zelfrijzende bloem
  • 175 g boter in kleine blokjes gesneden
  • 150 g blonde cassonade suiker
  • 2 grote eieren
  • 3-4 doyenne peren
  • 100 g chocoladepastilles
  • 2 el abrikozenconfituur
  • vetstof om in te vetten en wat water

Schil de 3 hele grote of 4 kleinere peren en snijd in dunne plakjes. Hou de plakjes van 1 peer opzij.

Doe het amandelmeel, de zelfrijzende bloem, suiker en boter in een grote kom. Wrijf met je vingers de boter tussen de droge ingrediënten tot je kruimels hebt. Neem een houten spatel en roer er de de eieren onder en vervolgens de peren (minus die ene peer) en de chocolade. Roer niet teveel. Hoe minder het deeg wordt bewerkt hoe beter.

Vet een springvorm van 20 cm in en stort er het deeg in. Bedek de bovenkant met de resterende plakjes peer.

Zet de cake 50 minuten tot 1 uur in de oven (check met een saté-prikker of ‘m gaar is).

Laat de cake 10 minuten afkoelen vooraleer je hem ontvormt (anders heb je brokken).

Doe de confituur in een steelpannetje samen met een half kopje water. Laat heet worden, haal van het vuur. Bestrijk er bovenkant van de taart mee in zodat de plakjes peer mooi beginnen te glanzen.

Smakelijk!

 

Tante Rosa’s appeltaart

Vorige zaterdag moest ik naar Tielt in West-Vlaanderen. Da’s voor mij een eindje rijden, dus als ik er moet zijn, probeer ik er zoveel mogelijk uit te halen. Een bezoekje aan mijn meter, tante Rosa drong zich dan ook op. Altijd gezellig, en vooral… hmmm… zij is de beste bakster van de familie. Mijn grootmoeder was ook zo’n fantastische bakster. En ik durf mezelf als de next generation te beschouwen. Ahum. Fin soit, lang verhaal kort. Dit recept is een van Tante Rosa’s favorieten. Het is een taart die je in twee tijden moet bakken. ’t Is een beetje werk, maar nu ook geen massa’s werk en super toegankelijk. Wat denk je, gaan we een Tante Rosake doen? Zet je oven al maar aan op 175°.

 

Hierboven haar – ahum – uitgeschreven recept. Ik heb alles voor jullie afgewogen. Om tot dit resultaat te komen:

 

 

Wat heb je nodig? 

  • 225g zelfrijzende bloem
  • 150 g suiker
  • 2 eieren
  • 5 grote eetappelen (type braeburn)
  • 6 el melk
  • 3 el olie
  • 80 g boter
  • 100 g suiker
  • 1 zakje vanillesuiker
  • 1 ei

Schil de appelen, ontdoe ze van hun klokhuis en snijd ze in plakjes.

Doe in 1 kom de bloem en de 150 g suiker. Splits de 2 eieren en klop het eiwit stijf. De dooiers mogen in een andere kom en doe daarbij de melk en olie en klop goed los.

Doe de vochtige ingrediënten bij de droge en roer goed, vouw er als laatste voorzichtig het eiwit onder. Als laatste mogen de appelen erbij.

Vet een springvorm (23 cm doorsnede) in en stort er het deeg in. Bak 20 minuutjes.

Smelt de boter en doe er de rest van de suiker (100 g – maar ik denk dat 75 g voldoende zal zijn) en laatste ei bij. Roer goed.

Haal de taart uit de oven, overgiet met de saus en zet meteen terug in de oven en bak nog eens 20-30 minuten tot de taart gaar is.

Zet koffie en bel me. Ik kom af. Met Tante Rosa.

 

 

Smakelijk!

 

Hey Daisy, ’t is chicken jalfrezi.

Ik denk dat ik een Indische geweest ben in een vorig leven. Echt ze. Ik kook dat dus enorm graag. En eten ook natuurlijk, ah ja. Plus ik heb het voordeel dat ik in een buurt woon waar er veel Sikhs wonen, met winkeltjes, en massa’s kruiden en zo. Zalig vind ik dat. Dus ja, we gaan vandaag Chicken Jalfrezi maken, maar niet de gewone, ’t is de versie van mijn all time hero headbangers kitchen. Een schitterend kookkanaal van een Indische death metal rocker. Yep, je leest het goed. Maar kom, “enough jibba jabba, let’s start cooking!”

Wat heb je nodig voor 2-3 personen? 

Voor de marinade:

  • 450 g kippenblokjes (liefst van de bil)
  • 1/2 tl kurkuma
  • 1/2 tl garam masala
  • 1 tl korianderpoeder
  • 1/2 tl zwarte peper
  • sap van een halve limoen
  • zout

Voor de saus:

  • 1 ui
  • 1 tomaat
  • 1 groene paprika
  • 1+2 el ghee (of kokosolie)
  • 3 cm gember
  • 2 teentjes look
  • 1 rode + 1 groene spaanse peper
  • 1 kaneelstokje
  • 3 kardemom peulen
  • 8 zwarte peperkorrels
  • 4 kruidnagels
  • zout
  • koriander
  • yoghurt
  • (Bloemkool)rijst voor erbij

Doe alle marinade ingrediënten in een kom, meng goed en zet 2 uur in de koelkast.

Pel de look en de gember en rasp ze allebei. Snijd de ui in halve maantjes, de tomaat en de paprika in blokjes, en hak de pepers fijn.

Doe wat ghee in een creusetpot en doe er de kaneel, kardemom, peperkorrels en kruidnagels in en bak tot het begint te geuren. Doe er de ui, de geraspte gember en look bij, plus de fijngehakte pepers. Laat op een matig vuur bakken.

Van zodra de ui wat zacht wordt, mag er de tomaat bij en een half glas water. Laat 10 minuten pruttelen op een matig vuur.

Giet alles in een blender en mix alles fijn (ja ook de kaneelstok).

Doe in dezelfde pan de rest van de ghee en bak er de kip in aan. Neem een zeef en duw er de saus in door (anders heb je teveel onaangename brokjes), doe bij de kip.

Hak de steeltjes van de koriander fijn en doe bij de kip en de saus en laat nog 6 minuutjes doorpruttelen. Kruid eventueel nog wat bij met zout.

Serveer de kip met rijst of in mijn geval bloemkoolrijst en wat yoghurt (voor als ’t te pikant is).

Smakelijk!

 

 

De bloemkoolrijst wok ik gewoon in wat kokosolie, een klein beetje water erbij, kruiden met zout, en wat koriander… op 2 minuutjes is dat klaar.

 

 

 

Verrassende chocolade kardemom cake

Ik ben dol op kardemom, de geur van die zaadjes alleen al als je de peultjes openbreekt… Hmmmm! Zalig! Alhoewel de meesten zullen denken, ik ben vooral dol op de geur van chocolade… zacht, smeuïg, rijk, troostend, kalmerend, zondig,  … ik kan nog wel wat woordjes verzinnen, maar ik ga dat nu niet doen. Ik wil straks nog gaan wandelen met Muffin. Dat is er eentje zonder kardemom en chocolade, maar ook wel heel pittig. Allez hup! Schort aan, oven ook op 160°. We beginnen eraan!

 

Wat heb je nodig? 

  • 175 g zachte boter
  • 175 g bruine suiker
  • 3 grote eieren
  • 150 g zelfrijzende bloem
  • 75 g gemalen amandelen
  • 1/2 tl bakpoeder
  • 3-4 kardemompeultjes, enkel de zaadjes
  • Snuf zout
  • 100 ml melk
  • 4 el cacaopoeder (echte, géén Nesquick)
  • 100 g + 100 g zwarte chocoladepastilles
  • 100 ml room

Doe de bloem, amandelen, bakpoeder, peulen, cacaopoeder (gezeefd) en het zout in en kom en meng goed.

Klop de boter en de bruine suiker met een elektrische klopper gedurende 3 minuten. Voeg er een voor een de eieren bij en blijf voorzichtig kloppen.

Als de eieren zijn opgenomen zet je de klopper af en ga je manueel verder. Meng er voorzichtig de droge ingrediënten onder en roer niet teveel. De bloem moet wel volledig zijn opgenomen. Meng er als laatste 100 g chocoladepastilles onder.

Vet een cakevorm in en stort het deeg erin. Bak 45 minuten in de oven of tot ‘m gaar is. Laat de cake een 10-tal minuten afkoelen in de vorm en daarna op een taartrooster.

Smelt de resterende chocolade in de room en laat een minuut of 10 afkoelen. De ganache moet echt nog lopend zijn.

Zet de taartrooster op een ovenplaat en overgiet de cake met de ganache. Laat de ganache mooi opstijven op een koele plek.

Geniet!

 

 

P.s.: deze cake is natuurlijk ook lekker zonder de kardemom, zonder de chocolade zou het maar wat saai zijn.

Cheerio!

 

Mosselen met pastis, lekker dat dat is.

Oh mannekes, ik hoop dat jullie vandaag een beetje honger hebben… of gewoon goesting… want deze pasta is gewoonweg fenomenaal. Zo lekker jong. Ik vind pastis en venkel ongelooflijk goed passen bij mosselen. ’t Is geen uitvinding van mij, zoveel is zeker. Ik heb het ooit eens gegeten in Boulogne-sur-Mer … of was het Deauville?  Soit, ’t is niet belangrijk, ’t is lekker. Gaan we eraan beginnen?

Wat heb je nodig voor twee personen? 

  • 1 kg mosselen
  • 200 g pasta
  • 4 cl pastis
  • 20 cl room
  • 1 grote ui
  • 2 venkelknollen
  • 4 stengels bleekselder
  • 1 klont boter
  • platte peterselie
  • peper en zout

Kook de pasta volgens de instructies op de verpakking in gezouten water.

Was de mosselen en ontdoe ze van alle onzuiverheden. Snijd de ui, venkel en selder in halve maantjes.

Smelt de boter in een hoge pot en doe er de groenten bij. Bak op een matig vuur tot de ui glazig ziet. Doe er de mosselen en de pastis bij, kruid met peper en zout. Verhoog het vuur en zet het deksel op de pot. Als de mosselen open zijn, doe er de room bij en fijngehakte peterselie. Meng goed. Haal van het vuur. Serveer meteen samen met de afgegoten pasta.

Smakelijk!

 

Straffe streusel bessencake!

Dit is nu eens een cake die heel erg divers is. Of je daar nu bessen voor gebruikt, of appel of peer, of nog iets anders…  het maakt eigenlijk niet uit. Want voor deze cake gaat iedereen “crumbelen” om het met een nieuw woord te zeggen. Wat denk je? Gaan we eraan beginnen? Kom, zet die oven!

 

Wat heb je nodig voor 6 personen?

  • 350 g bessen (blauwe bes, aardbei, braambes)
  • 50 g grove suiker
  • 50 + 75 g amandelmeel
  • 50 g gewone bloem
  • 50 g koude boter
  • 1 mespuntje kaneel of speculaaspoeder (optioneel)
  • 150 g zelfrijzende bloem
  • 3 eieren
  • 200 g  fijne suiker
  • 200 g boter op kamertemperatuur

Snijd de koude boter in blokjes en doe in een kom. Doe de grove suiker, de kaneel, 50 g amandelmeel en 50 g gewone bloem bij en wrijf met je vingers alles fijn tot je grove kruimels hebt. Zet in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 175 graden.

Doe de zachte boter in de kom van de keukenrobot en doe er de fijne suiker bij. Klop tot de suiker is opgelost en de boter wit begint te zien. Doe er een voor een de eieren bij en vervolgens de bloem en de rest van het amandelmeel. Vouw er met de hand de bessen onder.

Vet een springvorm in van ongeveer 23 cm doorsnede.

Stort hierin het deeg met de bessen en bedek vervolgens met de kruimelmengeling. Bak de cake gaar in de oven (50 tot 70 minuten, afhankelijk van de breedte van de cakevorm).

Smakelijk!

 

 

Deze cake is verschenen in het Okra-magazine van juli-augustus.

 

Ajo blanco, aje een kouw soep wilt.

’t Is geen weer voor soep, en daarom blog ik … een soep. Maar wees gerust deze Ajo blanco, een Spaanse specialiteit, is heel verfrissend en zalig verrassend. Je moet ook niets koken, alles wordt in de blender of met de mixer gemaakt. Ik heb het nu wel gefotografeerd in een grote bowl, maar eigenlijk is het eerder een soepje om in een glaasje te serveren als amuse. Je kan er ook perfect de barbecue mee blussen als het nodig is. Wat denk je? Gaan we eraan beginnen?

 

 

Wat heb je nodig voor 8 amuses? 

  • 100 g amandelschilfers
  • 100 g oudbakken wit brood (zonder korst)
  • 2 teentjes look
  • 5 el olijfolie
  • 3 el rode wijnazijn
  • Peper en zout
  • ½ liter ijskoud water
  • Een trosje groene druiven zonder pit

Week het brood in wat water. Knijp het een beetje uit en doe in een blender samen met de fijngehakte look en de amandelschilfers. Pulseer tot je een gladde massa hebt. Af en toe moet je wel wat aanduwen (niet terwijl de machine draait!).

Nu mag er het water bij. Mix tot een gladde massa en giet dan in een straaltje de azijn en vervolgens de olijfolie erbij (terwijl het draait). Breng op smaak met peper en zout. Zet een uurtje of drie in de koelkast.

Serveer de soep met de in twee gesneden druifjes en wat amandelschilfers. Die druifjes maken het echt tot een geheel, dus ik zou het niet weglaten.

Smakelijk!