Jantjes pruimentaart.

’t Was dat of “Zure pruimentaart”, een betere titel kon ik deze ochtend niet bedenken. Het was gisterenavond laat en vooral heel plezant. En als je zo idioot bent als ik en altijd vroeg opstaat, tja… dan schiet de nachtrust er wat bij in en soms ook de inspiratie. Maarrrrrr… dit gezegd zijnde, dat geldt niet voor de taart zelf. Die is ronduit heerlijk! Je moet zelfs niet wachten tot ze helemaal is afgekoeld om ervan te smullen. Lekker jom! Zet je oven maar aan op 180°, we gaan eraan beginnen!

Wat heb je nodig? 

  • 200 g suiker + wat extra
  • 1 zakje vanillesuiker
  • 175 g zachte boter
  • 3 eieren
  • 200 g zelfrijzende bloem
  • 8-tal rijpe pruimen (niet zuur)
  • 1 mespuntje kaneel

 

Als je boter vers uit de koelkast komt, snijd ze dan in blokjes en laat ze 15 minuutjes tot een half uur staan.

Snijd ondertussen de pruimen in twee en ontpit ze. Besprenkel ze met wat suiker en de kaneel. Laat 15 minuutjes of zo staan.

Doe ondertussen de suiker en vanillesuiker bij de boter en klop met een elektrische klopper tot de massa goed wit ziet. Doe er al kloppend een voor een de eitjes bij. Blijf kloppen tot de eieren volledig zijn opgenomen. Mocht het eruit zien alsof het schift, geen probleem. Blijven kloppen.

Doe er voorzichtig de bloem bij en meng goed tot een deeg maar klop niet te lang want daarmee haal je de luchtigheid eruit. Stop dus van zodra je geen bloem meer ziet. Als je zeker wil zijn, doe deze stap gewoon met de hand. Allez, met een handklopper. Met je hand zelf zou nogal een knoeiboel zijn.

Vet een springvorm in van 20 tot 23 cm doorsnede. Stort er het beslag in en druk er de pruimen in. Bak 45 minuten tot een uur tot de taart gaar is. Je checkt best met een saté-prikker. Als er geen deeg of kruimels meer aan de prikker hangt, is ze gaar.

Lauw is ze wreed lekker met een bolleke ijs. En wat slagroom … da’s ook altijd nom nom nom.

 

 

Volgende zondag staat deze beauty op het menu:

 

Tot woensdag!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.