Back to basics: simpel sodabrood

Ik weet niet hoe het bij jullie zit, maar soms heb ik genoeg van al die speciallekes. Want gewoon “gewoon” is soms al redelijk fantastisch. Een heerlijke kop dampende zelfgemaakte soep met daarbij nog warm, zelfgebakken brood … daar kan bij mij geen espuma tegenop. Dit eenvoudig brood is een recept van Paul Hollywood. Ge weet wel, diene mens die baksels gaat proeven in dat tentenkamp. Fin, shortje aan, oven op 200°, we beginnen eraan!

 

Wat hebben we nodig voor een klein brood? 

  • 250 g gewone patisseriebloem
  • 250 g volkorenbloem
  • 400 ml karnemelk*
  • 1 tl zout
  •  1 tl bicarbonaat

Vet een ovenplaat in en bestuif met wat bloem. Zet opzij.

Bestuif je werkvlak met wat bloem.

Neem een grote kom en doe hierin je 2 bloemsoorten, het zout en bicarbonaat. Meng alles zeer goed.

Maak een kuiltje in het midden en giet hierin de karnemelk, roer met je vingers tot je een kleverig deeg bekomt.

Stort het deeg op je werkvlak en kneed een beetje tot je een bal hebt.

Leg de bal op de bakplaat en kerf hem diep in met een mes. Bestuif het brood met wat bloem en zet in de oven.

Bak 30 minuten tot het brood goudbruin ziet en hol klinkt als je erop klopt.

Verorber liefst binnen de 4 uur. Daarna is het toch al wat minder.

Zalig met wat confituur en echte boter. Of een kop soep.

 

 

Cheerio!

 

 

*je kan de karnemelk niet vervangen door iets anders, helaas. Wees gerust je proeft het niet. Neem ECHTE zuivere karnemelk en niet die voze versie met smaakjes.  Soms moet je goed kijken om te zien of het “the real thing” is.

 

 

 

 

Dilemma slaatje met rode biet en geitenkaas

Ik heb lang getwijfeld of ik dit slaatje wel zou bloggen, want ’t is echt wel heel erg simpel. Maar ik dacht, … is het daarom minder interessant? Het is wel wat ik zelf het vaakste eet. Dus ja, hier is het dan, het té simpel maar té lekker slaatje. Geniet ervan!

 

Wat heb je nodig voor 2? 

  • 2 gekookte rode bieten
  • 150 g zachte geitenkaas
  • 3 el pistache noten (of walnoten)
  • 15 witte druiven
  • 1 zakje luie wijvensla
  • Enkele blaadjes basilicum en evt wat dille
  • olijfolie
  • citroensap
  • peper en zout

Verdeel de sla over de borden. Verbrokkel er de kaas over. Snijd de rode bietjes en de druiven in hapklare brokken, hak de noten fijn…

Alles op de sla, straaltje olijfolie, knijpje citroensap, een draai van de peper molen, snuf zout… en hop je bent aan het eten.

 

 

Lemon “puppy”seed muffins

Oftewel citroen-maanzaad muffins. Ik zat al een tijdje met deze muffins in mijn hoofd. Ik wou iets zoet-zurigs, iets wat perfect deze zomer belichaamt. Zonnig en zo. ’t Is ook de eerste zomer die ik beleef met Muffin, mijn voorgebakken pup uit Malaga. Waarom voorgebakken? In tegenstelling tot haar baasje heeft zij géén last van de warmte gehad. En ze is zonnig, dat ook. Fin soit. Deze lemon-poppyseed muffins zijn heerlijk. Net als Muffin. Kom, we gaan eraan beginnen. Schortjes aan!

 

Wat heb je nodig voor een 10-tal muffins*?

  • 350 g bloem
  • 300 g yoghurt
  • 2 eieren
  • 200 g suiker + extra
  • 100 g boter
  • ½ tl bakingsoda (bicarbonaat)
  • 2 citroenen (zeste + sap)
  • 2 tl maanzaadjes

Verwarm de oven voor op 180°.

Doe de boter in een pannetje en laat op de laagste stand volledig smelten.

Breek de eieren in een kom en doe er de yoghurt bij, roer goed zodat alles mooi is opgenomen. Doe er ook de rasp bij van de twee citroenen (je hebt een flinke eetlepel rasp nodig). Roer er als laatste de boter onder.

Doe de bloem, de suiker, en baksoda bij de natte ingrediënten en meng. Maar roer niet te lang, er mogen zelfs nog wat brokjes bloem te zien zijn.

Verdeel het deeg over de muffin vormpjes en bak 25 minuten in de oven.

Meet ondertussen het sap af en doe in een kommetje. Doe er evenveel suiker bij. Breng lichtjes aan de kook gedurende een minuutje of twee en laat dan weer afkoelen. Het moet een heldere siroop zijn.

Als de muffins 5 minuutjes afgekoeld zijn, bestrijk ze met de citroensiroop. En laat volledig afkoelen. (als je er zolang van kan afblijven). Muffin heeft er niet van gegeten, da’s beneden haar stand. 😉

Oh ja, ik had er ook nog wat glazuur op gedaan, maar dat was echt too much. Je kan het maken door gewoon wat bloemsuiker aan te lengen met een beetje water of citroensap.

Cheerio!

 

P.s.: muffins zijn een pak groter dan cupcakes. Dus als je er cupcakes van maakt zal je er meer in aantal hebben en ze moeten hoogstwaarschijnlijk minder lang bakken. Hou het dus in de gaten!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mosselen met pastis, lekker dat dat is.

Oh mannekes, ik hoop dat jullie vandaag een beetje honger hebben… of gewoon goesting… want deze pasta is gewoonweg fenomenaal. Zo lekker jong. Ik vind pastis en venkel ongelooflijk goed passen bij mosselen. ’t Is geen uitvinding van mij, zoveel is zeker. Ik heb het ooit eens gegeten in Boulogne-sur-Mer … of was het Deauville?  Soit, ’t is niet belangrijk, ’t is lekker. Gaan we eraan beginnen?

Wat heb je nodig voor twee personen? 

  • 1 kg mosselen
  • 200 g pasta
  • 4 cl pastis
  • 20 cl room
  • 1 grote ui
  • 2 venkelknollen
  • 4 stengels bleekselder
  • 1 klont boter
  • platte peterselie
  • peper en zout

Kook de pasta volgens de instructies op de verpakking in gezouten water.

Was de mosselen en ontdoe ze van alle onzuiverheden. Snijd de ui, venkel en selder in halve maantjes.

Smelt de boter in een hoge pot en doe er de groenten bij. Bak op een matig vuur tot de ui glazig ziet. Doe er de mosselen en de pastis bij, kruid met peper en zout. Verhoog het vuur en zet het deksel op de pot. Als de mosselen open zijn, doe er de room bij en fijngehakte peterselie. Meng goed. Haal van het vuur. Serveer meteen samen met de afgegoten pasta.

Smakelijk!

 

Straffe streusel bessencake!

Dit is nu eens een cake die heel erg divers is. Of je daar nu bessen voor gebruikt, of appel of peer, of nog iets anders…  het maakt eigenlijk niet uit. Want voor deze cake gaat iedereen “crumbelen” om het met een nieuw woord te zeggen. Wat denk je? Gaan we eraan beginnen? Kom, zet die oven!

 

Wat heb je nodig voor 6 personen?

  • 350 g bessen (blauwe bes, aardbei, braambes)
  • 50 g grove suiker
  • 50 + 75 g amandelmeel
  • 50 g gewone bloem
  • 50 g koude boter
  • 1 mespuntje kaneel of speculaaspoeder (optioneel)
  • 150 g zelfrijzende bloem
  • 3 eieren
  • 200 g  fijne suiker
  • 200 g boter op kamertemperatuur

Snijd de koude boter in blokjes en doe in een kom. Doe de grove suiker, de kaneel, 50 g amandelmeel en 50 g gewone bloem bij en wrijf met je vingers alles fijn tot je grove kruimels hebt. Zet in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 175 graden.

Doe de zachte boter in de kom van de keukenrobot en doe er de fijne suiker bij. Klop tot de suiker is opgelost en de boter wit begint te zien. Doe er een voor een de eieren bij en vervolgens de bloem en de rest van het amandelmeel. Vouw er met de hand de bessen onder.

Vet een springvorm in van ongeveer 23 cm doorsnede.

Stort hierin het deeg met de bessen en bedek vervolgens met de kruimelmengeling. Bak de cake gaar in de oven (50 tot 70 minuten, afhankelijk van de breedte van de cakevorm).

Smakelijk!

 

 

Deze cake is verschenen in het Okra-magazine van juli-augustus.

 

Ajo blanco, aje een kouw soep wilt.

’t Is geen weer voor soep, en daarom blog ik … een soep. Maar wees gerust deze Ajo blanco, een Spaanse specialiteit, is heel verfrissend en zalig verrassend. Je moet ook niets koken, alles wordt in de blender of met de mixer gemaakt. Ik heb het nu wel gefotografeerd in een grote bowl, maar eigenlijk is het eerder een soepje om in een glaasje te serveren als amuse. Je kan er ook perfect de barbecue mee blussen als het nodig is. Wat denk je? Gaan we eraan beginnen?

 

 

Wat heb je nodig voor 8 amuses? 

  • 100 g amandelschilfers
  • 100 g oudbakken wit brood (zonder korst)
  • 2 teentjes look
  • 5 el olijfolie
  • 3 el rode wijnazijn
  • Peper en zout
  • ½ liter ijskoud water
  • Een trosje groene druiven zonder pit

Week het brood in wat water. Knijp het een beetje uit en doe in een blender samen met de fijngehakte look en de amandelschilfers. Pulseer tot je een gladde massa hebt. Af en toe moet je wel wat aanduwen (niet terwijl de machine draait!).

Nu mag er het water bij. Mix tot een gladde massa en giet dan in een straaltje de azijn en vervolgens de olijfolie erbij (terwijl het draait). Breng op smaak met peper en zout. Zet een uurtje of drie in de koelkast.

Serveer de soep met de in twee gesneden druifjes en wat amandelschilfers. Die druifjes maken het echt tot een geheel, dus ik zou het niet weglaten.

Smakelijk!

 

 

 

 

June’s aardbeien-mascarpone verjaardagstaart.

Zou het kunnen dat ik vaak op verjaardagsfeestjes word uitgenodigd omdat ik dan de taart bak? Zal wel niet zeker hé? Het is vast wel voor mijn charmante persoonlijkheid. Vorige week was het June’s verjaardag en ze had graag iets met aardbeien. Zo gezegd zo gedaan, maar ’t was begot niet simpel in deze aanhoudende hitte. Dus ze ziet er niet echt megamooi en clean uit zoals ik zou willen, maar ze was wel héél lekker, en eenvoudig om te maken. Wat denk je? Zin in een feestje? Kom, we beginnen eraan!

 

Wat heb je nodig voor een taart van zes personen? 

  • 200 g zelfrijzende bloem
  • 200 g fijne suiker
  • 5 eieren
  • 1 snuf zout
  • 2 el aardbeienconfituur
  • ½ à 1 bakje aardbeien
  • Andere bessen (optioneel als je gaat voor 1 bakje aardbeien)
  • 300 g mascarpone
  • 200 ml volle room
  • 1 eetlepel (opgehoopt) bloemsuiker

Doe de fijne suiker, het zout en de eieren in een keukenrobot en klop met een klopper gedurende minstens 5 tot 8 minuten tot dubbel volume en tot het bijna wit ziet. De massa moet in een dikke sliert van de klopper lopen. Zeef er een deel van de bloem over en vouw voorzichtig onder, doe hetzelfde met de rest van de bloem (in totaal in 3-4 keer).

Voorzichtig hé, je moet het behandelen alsof je de geheime toverspreuk gevonden hebt om x kilo af te vallen terwijl je slaapt of zo. Maar die toverspreuk staat op zo’n dun papiertje geschreven dat, als je het te hard vastpakt, het in 1000 stukjes zou verbrokkelen. Zo voorzichtig dus. 

Vet 2 kleine vormen in van 20 cm of 1 grote van 24 cm en bestuif ze met bloem. Doe hierin het beslag en bak 40 tot 45 minuten tot de taart gaar is. Makkelijk te controleren met een satéprikker. Prik in het midden van de taart, helemaal tot op de bodem, komt de prikker er droog uit (dus er hangt geen deeg of kruimeltjes meer aan) dan is de cake gaar. Laat zeker 5 minuten afkoelen in de vorm zelf, en haal dan uit de vorm. Laat volledig afkoelen op een rooster. Waarom op een rooster en niet in de vorm? De stoom kan anders niet weg en dan wordt de cake zwaar en vochtig.

Zet de mascarpone uit de koelkast.

Klop de slagroom stijf. Roer de mascarpone met bloemsuiker en vouw er daarna het opgeklopt slagroom onder. Als het niet meer stijf is, klop dan nog wat verder. Verdeel dit in twee kommetjes. In 1 kommetje doe je er ½ van de aardbeitjes bij (in 2 of 4 gesneden).

Als het zo warm is zoals nu (29° in de keuken, toen ik ze bakte), dan zet je best eerst de kom waarin je de slagroom klopt een 10-tal minuten in de diepvriezer.  

Snijd de biscuit in twee en bestrijk de binnenkant met de confituur. Nu mag er de vulling van mascarpone/aardbei erop en leg er de andere helft van de biscuit erop. Bestrijk de buitenkant met de rest van de maagdelijk witte mascarpone-room. Versier de bovenkant met aardbeien of besjes.

Na een uurtje in de auto, zag de taart er niet meer uit zoals ze zou moeten, maar het zij zo. Het was megalekker. Was een leuk feestje trouwens. Meer moet dat niet zijn: goed gezelschap, leuke sfeer en lekkere taart.

Tot woensdag!

 

Ann

 

 

 

 

 

 

 

 

’t Is geen puttanesca, maar ’t is wel lekker!

Ik mag deze saus niet puttanesca noemen, maar wulps is ze wel. Massa’s smaak, beetje potig, en toch licht verteerbaar. Ideaal met deze bakoven temperaturen. Ze is wat zoutzurig door de ansjovis en de kappertjes. Heerlijk met wat geschaafde parmezaan erover.  Kom jong, we beginnen eraan!

 

Wat heb je nodig? 

  • 1 bokaal passata (700 g)
  • 1 blik tomatenblokjes (400 g)
  • 2 wortelen
  • 1 rode, 1 groene paprika
  • 1 ui
  • 3 teentjes look
  • 30 zwarte olijven (Griekse)
  • 3 el kappertjes
  • 6 ansjovisfilets (gezouten)
  • Peper en zout
  • verse basilicum
  • 2 tl oregano
  • 2 el olijfolie
  • Courgettes (1/pers) of pasta

Pel de ui en look en hak fijn. Droog je tranen. Snijd de wortelen en de paprika in blokjes. Doe de olijfolie in een kookpot met dikke bodem en fruit er de ui en look in tot ze glazig zien. Droog je tranen. Doe er de groentjes bij en laat 5 minuutjes zachtjes meestoven.

Nu mag er de tomatenpassata bij, de tomatenblokjes en oregano.  Kruid met peper en een beetje zout. Laat 15 minuten sudderen. Doe er de ansjovis, uitgelekte kappertjes en ontpitte olijven bij en laat nog 10 minuten pruttelen. Proef en kruid nog bij indien nodig.

Snijd slierten van de courgettes (ik heb zo’n spiraalspul). Snijd niet in je vingers, of droog je tranen. Laat een wok goed heet worden tot hij begint te roken, doe er wat olijfolie in, en roerbak de courgetteslierten. Breng ze op smaak met peper en zout. Als ze gaar zijn, laat wat uitlekken in een vergiet. Of kook gewoon pasta, ’t is maar wat je lekker vindt.

Serveer de pasta met parmezaan en verse basilicum. Proef. Droog je tranen.

 

Smakelijk!

 

 

Jantjes pruimentaart.

’t Was dat of “Zure pruimentaart”, een betere titel kon ik deze ochtend niet bedenken. Het was gisterenavond laat en vooral heel plezant. En als je zo idioot bent als ik en altijd vroeg opstaat, tja… dan schiet de nachtrust er wat bij in en soms ook de inspiratie. Maarrrrrr… dit gezegd zijnde, dat geldt niet voor de taart zelf. Die is ronduit heerlijk! Je moet zelfs niet wachten tot ze helemaal is afgekoeld om ervan te smullen. Lekker jom! Zet je oven maar aan op 180°, we gaan eraan beginnen!

Wat heb je nodig? 

  • 200 g suiker + wat extra
  • 1 zakje vanillesuiker
  • 175 g zachte boter
  • 3 eieren
  • 200 g zelfrijzende bloem
  • 8-tal rijpe pruimen (niet zuur)
  • 1 mespuntje kaneel

 

Als je boter vers uit de koelkast komt, snijd ze dan in blokjes en laat ze 15 minuutjes tot een half uur staan.

Snijd ondertussen de pruimen in twee en ontpit ze. Besprenkel ze met wat suiker en de kaneel. Laat 15 minuutjes of zo staan.

Doe ondertussen de suiker en vanillesuiker bij de boter en klop met een elektrische klopper tot de massa goed wit ziet. Doe er al kloppend een voor een de eitjes bij. Blijf kloppen tot de eieren volledig zijn opgenomen. Mocht het eruit zien alsof het schift, geen probleem. Blijven kloppen.

Doe er voorzichtig de bloem bij en meng goed tot een deeg maar klop niet te lang want daarmee haal je de luchtigheid eruit. Stop dus van zodra je geen bloem meer ziet. Als je zeker wil zijn, doe deze stap gewoon met de hand. Allez, met een handklopper. Met je hand zelf zou nogal een knoeiboel zijn.

Vet een springvorm in van 20 tot 23 cm doorsnede. Stort er het beslag in en druk er de pruimen in. Bak 45 minuten tot een uur tot de taart gaar is. Je checkt best met een saté-prikker. Als er geen deeg of kruimels meer aan de prikker hangt, is ze gaar.

Lauw is ze wreed lekker met een bolleke ijs. En wat slagroom … da’s ook altijd nom nom nom.

 

 

Volgende zondag staat deze beauty op het menu:

 

Tot woensdag!

 

Supersnelle ricottataartjes met asperges

Hello sunshine !

Begrijp me niet verkeerd, ik kook met veel plezier, maar ik sta gewoon niet graag lang in de keuken. Het moet vooruitgaan. Zeker na een lange werkdag. Vandaar dat je hier voornamelijk recepten voorgeschoteld gaat krijgen die enorm simpel én rap zijn. Maar wel lekker. Ah ja, voor minder doen we het niet. Neem nu deze ricottataartjes, zalig lekker, supersnel en je kan er alle kanten mee op. Wat denk je, gaan we eraan beginnen?

 

Wat heb je nodig? 

  • 5 vierkante velletjes bladerdeeg (diepvries of koelvak)
  • 250 g ricotta
  • 1 groot ei
  • 1 tl verse tijm (of 1/2 gedroogde – ietsjes minder zelfs)
  • 50 g parmezaan
  • 1 bussel groene asperges (geblancheerd)
  • 100 g erwtjes
  • Scheutjes
  • Evt. nog gegrilde courgette
  • Peper, zout, muskaatnoot

 

Verwarm de oven voor op 180°.

Leg de velletjes bladerdeeg op een siliconematje of een met bakpapier bekleedde bakplaat en bestrijk de randen (2cm) met wat van het losgeklopt ei.

Doe de ricotta in een kommetje samen met de rest van het ei, de parmezaan, peper, zout, muskaatnoot en tijm. Meng goed. Bestrijk de bladerdeeg met de ricotta en blijf dus 2 cm van de rand. Zet ze 10 minuutjes in de oven.

Breek het houterige gedeelte van de groene asperges en snijd ze in 3 stukken. Blancheer ze 3 minuutjes in licht kokend water en laat uitlekken.

Haal de taartjes uit de oven, en beleg ze met de asperges, erwtjes en eventueel andere groene groentjes. Zet opnieuw 10 minuutjes in de oven tot het een mooi gouden kleurtje krijgt.

Haal uit de oven, eventueel nog een straaltje olijfolie erover, de scheutjes en smullen maar. Heerlijk met een fris slaatje of als aperitiefhapje.

Smakelijk!

 

 

 

Ps: ge moogt gerust meer groentjes op de taartjes leggen zenne. Wat je op de foto ziet, is gewoon restverwerking. Dit is voor volgende week: